De GEU is blij met het initiatief van de PO-Raad en de VO-raad om gezamenlijk een visie te formuleren op de ontwikkelingen in het onderwijs en te onderzoeken welke impact die visie heeft op de werking, het gebruik en de verwerving van digitale leermiddelen. De GEU onderschrijft de visie dat het steeds flexibeler en meer gepersonaliseerd wordende onderwijs impact heeft op leermiddelen en dienstverlening van uitgevers aan scholen. De vraag van scholen wordt gedifferentieerder. Uitgeverijen vertalen dit – elk volgens hun eigen strategie – in hun leermiddelen en dienstverlening. Het Programma van Eisen (PvE) van de PO-Raad en de VO-raad komt de uitgeverijen daarin tegemoet doordat het meer eenduidigheid geeft aan die steeds pluriformer wordende vraag van scholen.

Het PvE schetst de vier bouwstenen voor flexibele leermiddelen: de objectieve specificatie (kernprogramma), de methoden, aanvullend/vervangend materiaal en faciliteiten voor zoeken en verbinden. Dit zijn ook bouwstenen die uitgeverijen gebruiken bij het steeds flexibeler maken van hun leermiddelen en het leveren van bijpassende dienstverlening. In samenwerking met scholen doen uitgeverijen nu ervaring op met wat in de praktijk het meest bruikbare niveau is waarop die bouwstenen met elkaar kunnen samenwerken. De GEU werkt samen met andere ketenpartners om de benodigde randvoorwaarden in te vullen op het gebied van standaarden, ketenvoorzieningen en afspraken over privacy en modelcontracten.

Net als de PO-Raad en de VO-raad ziet de GEU de publiek-private dialoog als een belangrijk instrument om de leermiddelenketen innovatief te houden. De publicatie van dit PvE past wat ons betreft goed in die dialoog.

De GEU heeft in juni een rapport uitgebracht waarin de GEU ingaat op de huidige ontwikkelingen in het onderwijs en de veranderende wensen ten aanzien van leermiddelen.