Scholen in het voortgezet onderwijs werken toe naar een doorbraak en versnelling in het aanbod van digitaal leermateriaal en in de ontwikkeling van de vaardigheden van docenten in de samenstelling en toepassing ervan. Dat blijkt uit de voorlopige cijfers van de VO2020-scan, die wordt uitgevoerd onder ruim 570 scholen door de VO-Raad. De scan is bedoeld om scholen inzicht te bieden in hun vorderingen op de ambities uit het Sectorakkoord VO.

Uit de cijfers blijkt dat 94 procent van de scholen momenteel digitaal lesmateriaal inzet, of daar concrete plannen voor heeft, voor gemiddeld genomen 64 procent van de leerlingen.

Uit de voorlopige cijfers van de VO2020-scan blijkt verder dat verreweg de meeste scholen op weg naar 2020 zeker niet vanaf ‘nul’ beginnen. De inzet van digitale leermiddelen lijkt (nog) wel vrij selectief. Scholen zetten digitale leermiddelen momenteel nadrukkelijk in voor exacte vakken (88 procent) of talen (87 procent) en duidelijk minder in het vmbo. Uit de cijfers blijkt dat vooral een kennisachterstand bij docenten en beperkte financiële mogelijkheden de school belemmeren bij de verdere invoering van digitaal lesmateriaal.

In het Doorbraakproject Onderwijs & ICT werken de GEU en educatieve uitgeverijen samen actief mee aan het vinden van oplossingen voor deze vraagstukken, die scholen middels leerlabs en versnellingsvragen willen oplossen. Daarnaast ondersteunt de GEU de Stichting LeerKRACHT, waarbij scholen aan de hand van de leerKRACHT-aanpak een cultuurtransformatie aangaan van ‘elke dag samen een beetje beter’ en waar leraren van elkaar leren

Zie ook: