Het Nederlandse onderwijs presteert over het algemeen genomen goed. Nederlandse scholieren krijgen meer les dan hun leeftijdsgenoten in andere OESO-landen, met hun diploma zijn ze goed voorbereid op de arbeidsmarkt, en Nederlanders zijn minder vaak werkloos dan inwoners van andere OESO-landen met een vergelijkbaar opleidingsniveau. De Nederlandse uitgaven aan onderwijsinstellingen zijn bovendien sinds 2010 redelijk constant. Dat blijkt uit het landenrapport van de OESO, Education at a Glance 2015, waarin de onderwijsstelsels van 34 OESO-landen onderling worden vergeleken.

Nieuw in Education at a Glance is de indicator over het gebruik van internet en digitale leermiddelen. “Uit het rapport blijkt dat in Nederland nog veel ruimte mogelijk is voor vernieuwing en verbetering op dit gebied. Een slimme inzet van ICT maakt meer maatwerk mogelijk. Leraren kunnen hierdoor goed inspelen op de verschillen tussen leerlingen”, schrijven staatssecretaris Dekker en minister Bussemaker in hun aanbiedingsbrief bij het rapport. “Het streven is dat alle po- en vo-scholen in 2020 meer digitale leermiddelen in de lessen gebruiken en dat leraren over de juiste vaardigheden beschikken om deze middelen didactisch in te zetten.”