Radbout Universiteit Nijmegen onderzocht drie jaar lang wat de effecten zijn van adaptieve leermiddelen in het primair onderwijs. Leerlingen gebruiken deze sofware als digitaal werkboek waarin zij oefeningen krijgen op hun eigen niveau. Ook de prestaties van leerlingen worden realtime bij gehouden. Leraren kunnen zo beter inspelen op de behoeften van elk kind. Onderzoek laat zien dat leraren die langer gebruik maken van adaptieve leermiddelen in hun lessen steeds meer ruimte creëren voor leerlingen om te werken op het eigen niveau: in het begin leerden leerlingen nog 30% van de tijd adaptief, later was dit percentage verschoven naar 65%. Ook leren de leraren na langer gebruik steeds beter alle beschikbare data te interpreteren en te vertalen naar interactie en onderwijskundige interventie.

Het onderzoek toont aan dat de prestaties van leerlingen op scholen die de software gebruiken minstens net zo goed zijn, en in een aantal gevallen zelfs beter, dan op controlescholen. De inzet van adaptieve leermiddelen kan een verrijking zijn voor zowel leerling als leraar. Maar er valt volgens de onderzoekers nog meer uit te halen. De inzet van adaptieve leermiddelen in de lessen, zoals gebeurde in het onderzoek, is pas de eerste stap in dat proces. Meer training kan helpen om het optimale resultaat te behalen. De resultaten van het onderzoek worden tijdens de Onderzoeksconferentie 2018 op 16 mei toegelicht.

 

Lees meer.