Voor digitale uitgaven geldt het hoge btw-tarief van 21 procent, terwijl voor uitgaven op papier het lage btw-tarief van 6 procent van toepassing is. Dit onderscheid is in strijd met fiscale neutraliteit, leidt tot kostenstijgingen voor het onderwijs en remt innovatie. Dit moet veranderen. De btw-regelgeving zou moeten aansluiten bij het overheidsbeleid ter digitalisering en ontwikkeling van Nederland als kennisland.

De Europese Commissie heeft eind 2016 maatregelen voorgesteld waarmee een verlaagd btw-tarief op e-publicaties mogelijk wordt. Het voorstel heeft erkend dat de maatschappelijke waarde van digitale uitgeefproducten gelijk is aan die van gedrukte varianten. Hierdoor heeft Nederland de ruimte gekregen om het hoge btw-tarief op digitale leermiddelen te verlagen en mede door druk van de GEU bereid de regering nu een wetsvoorstel voor om dit daadwerkelijk te gaan doen.

Negatieve gevolgen van het hoge btw-tarief

Onderwijs is vrijgesteld van btw. Dat betekent dat onderwijsinstellingen over hun diensten geen btw in rekening hoeven te brengen. Maar het betekent ook dat de btw over inkopen niet kan worden teruggevorderd. De btw is daarmee  een directe kostenpost die rechtstreeks ten laste van het schoolbudget gaat.

Als gevolg van het verschil in btw-tarieven kost het scholen als snel duizenden euro’s meer als zij meer digitale leermiddelen willen gebruiken. Door de hogere btw stijgen de uitgaven die scholen doen voor digitale leermiddelen ten opzichte van papieren leermiddelen met 15 procent. Hierdoor worden scholen in hun keuze belemmerd. Pas wanneer er geen financiële drempel is om te kiezen voor digitale producten, kunnen scholen deze keuze echt baseren op kwaliteit en functionaliteit. Door het hogere btw-tarief blijft de vraag naar innovatieve digitale leermiddelen onnodig achter. Dit blijkt onder meer uit onderzoek van SEO.

De verhoging van het lage btw-tarief van 6 naar 9 procent heeft de kosten die scholen maken voor aanschaf van papieren leermiddelen alleen maar onnodig opgevoerd. En daarmee komt de ruimte om te investeren in innovatie nog verder onder druk te staan.

Verandering is noodzakelijk

Om digitale leermiddelen ook het lage btw-tarief te geven, moet onze overheid de fiscale definitie van e-publicaties zo formuleren, dat digitale leermiddelen daar eenduidig binnen vallen. De boodschap van de GEU voor een laag btw-tarief op digitale leermiddelen vindt een welwillend oor bij het kabinet, maar dit heeft nog niet tot verandering van beleid geleid. Begin 2017 heeft de GEU daarom samen met de PO-Raad, VO-raad, MBO Raad, Kennisnet, KBb-E en VDOD in een position paper het kabinet en de Tweede Kamer opgeroepen om zo snel mogelijk de btw-verlaging te realiseren. Eind 2018 heeft de EU besloten lidstaten ruimte te geven om het lage btw-tarief toe te passen op digitale publicaties en de Nederlandse overheid bereid een wetsvoorstel voor om dit ook daadwerkelijk te gaan doen. Dat is goed nieuws, maar hiermee is een laagdrempeliger prijsstelling voor digitale leermiddelen nog geen feit. Alles hangt af van de exacte definitie die gekozen gaat worden om de digitale publicaties af te bakenen. De GEU is benieuwd hoe het kabinet hier nu eindelijk concreet werk van gaat maken en zal ervoor blijven pleiten dat digitale leermiddelen aanspraak kunnen maken op het lage btw-tarief.

 

Nieuws over btw